Eerste nachtvorst


Deze ochtend was het dan uiteindelijk zo ver. Aan de grond vroor het al eerder dit najaar maar de temperatuur ging nu in thermometerhut een eerste keer onder het vriespunt. Deze ochtend was het kwik om 6u30 gedaald tot -1,7 °C. Dat is eigenlijk best normaal voor november.

Normaal valt de eerste vorst zelfs vroeger. In Wichelen is dit gemiddeld rond 7 november. Land- en tuinbouw zijn natuurlijk erg geïnteresseerd in de eerste datum waarop nachtvorst kan voorkomen. In 1864 en 1881 was dat (in Ukkel) al op 5 oktober het geval. Dat is de vroegste datum met nachtvorst. De laatste vorst werd geregistreerd op 22 mei van het jaar 1955. Dat betekent dus dat het (in Ukkel) nog nooit vroor tijdens de maanden juni, juli, augustus en september.

Sint Denijs (9 oktober) geeft al wel eens ijs, zegt een volkswijsheid. Toch klopt dit meestal niet. De voorbije jaren was oktober nu en dan nog een halve zomermaand. De datum met eerste nachtvorst schuift steeds meer op naar later in het najaar. Gedurende het hele jaar telt Wichelen 53 vorstdagen. Een vorstdag is een dag waarbij het kwik tijdens het etmaal onder het vriespunt gaat. Gemiddeld gebeurt dit in november 5 keer. Strenge vorst (temperatuur lager dan -10°C) is de voorbije 5 jaar niet meer voorgekomen maar volgens de statistieken gebeurt dit 1,8 keer per jaar. Gemiddeld komt de voorbije jaren een temperatuur tussen -5 en -10°C zo’n 3 keer voor per winter. De datum van de eerste vorst zegt overigens niets over de winter zelf. Zo kan vroege vorst gevolgd worden door een zachte winter en late vorst door een strenge. Afwachten dus.