Van -7 naar +15 graden


Stonden vorige week vrijdag de thermometers nog dik in de min, dit weekend maken we ons op voor dubbele cijfers in de plus. Zulke sprongen in de temperatuur horen er in ons gematigd zeeklimaat gewoon bij. Ook in het steeds warmere klimaat waarmee we te maken krijgen, al neemt volgens de klimaatscenario’s de kans op extreme kou in de komende decennia wel sterk af.

De kou kwam afgelopen winter pas heel laat, eind februari. Mede dankzij een krachtig hogedrukgebied boven Scandinavië werd zeer koude lucht uit de poolstreken via Rusland aangevoerd. Door deze transportkou kwamen de temperaturen niet meer boven het vriespunt. En dat begin maart, wanneer de zon al veel hoger aan de hemel staat dan in december! In de poolstreken werd het in die opmerkelijk koude week juist warmer. Die warme lucht werd met een zuidwestelijke stroming via de noordflank van het hogedrukgebied vanaf de Atlantische Oceaan naar de poolstreken getransporteerd. Ook de lucht boven de oceaan ten zuidwesten van Engeland was relatief warm. Achter een actieve depressie die in Engeland en Ierland een zware sneeuwstorm veroorzaakte, stroomde de warme lucht naar het noorden.

Inmiddels begon het hogedrukgebied boven Scandinavië in kracht af te nemen waardoor de zachte lucht terrein won en ook onze regio bereikte. De weersomslag verliep met 1 cm sneeuw en kortstondig ijzel. Dit weekend voert een nieuwe depressie boven de Atlantische Oceaan nog warmere lucht aan, met voorjaarsachtige temperaturen.

Door de snelle opwarming van het noordpoolgebied en de aanvoer van steeds warmere lucht vanaf de oceaan gaan in het toekomstige klimaat de scherpe kantjes van de kou er waarschijnlijk wel af. Zelfs bij transportkou uit Rusland, wanneer van oudsher de laagste temperaturen worden gemeten. De koudste winterdag wordt rond 2050 gemiddeld 2 tot 5 graden warmer, en rond 2085 zelfs 3 tot 7 graden. Het aantal ijsdagen, waarop het de hele dag blijft vriezen, wordt op zijn minst gehalveerd. Maar ook in de toekomst moeten we rekening blijven houden met de mogelijkheid van koudegolven en felle winterkou, en grote sprongen in de temperatuur wanneer de kou weer wordt verdreven.