Hoe snel smelt sneeuw?


Eind januari stond het weer in het teken van sneeuw. Er vielen geen grote hoeveelheden maar toch ondervond het verkeer de nodige problemen. Omdat het kwik overdag (ruim) boven het vriespunt kwam smolt de sneeuw echter vrij snel opnieuw weg.  Maar hoe snel verdwijnt sneeuw nu eigenlijk bij positieve temperaturen?

Het antwoord op die vraag is minder eenvoudig dan je zou denken. Temperatuur zegt namelijk lang niet alles. Algemeen bekend is dat als de temperatuur boven het vriespunt komt sneeuw begint te smelten, maar er bestaan omstandigheden waarbij dat niet of nauwelijks gebeurt. Er spelen immers veel meer factoren mee die soms nog wel belangrijker zijn dan luchttemperatuur.

De luchtvochtigheid, en in relatie daarmee het dauwpunt, bepaalt in belangrijke mate of sneeuw smelt. Het dauwpunt is de temperatuur waarbij de lucht verzadigd raakt en condenseert. Ligt het dauwpunt onder nul, dan is de lucht vaak droog en houdt de sneeuw zich goed. Ook als de luchttemperatuur boven nul ligt smelt deze niet. Laat je dus niet van de wijs brengen door alleen de luchttemperatuur. Die doet soms geen kwaad.

Het wordt snel anders als de wind gaat meespelen. Is de lucht vochtig, én het waait flink (eventueel met regen) dan smelt de sneeuw snel weg. Als de wind koud is kan hij sneeuw wegblazen, en een warme zuidenwind vreet de sneeuw voor je neus weg.

In december en januari heeft de zon maar weinig kracht waardoor, zeker als er een flink pak ligt, de sneeuw vrij goed blijft liggen. Vanaf februari heeft de zon meer waardoor op zonnige dagen de sneeuw sneller zal verdwijnen. Het klinkt misschien tegenstrijdig maar wolken die de zon afschermen zijn niet altijd goed voor behoud van een sneeuwdek. Wolken fungeren als een soort deksel waardoor de uitstraling ‘s nachts naar boven toe veel minder is. Bij temperaturen van iets boven nul kan sneeuw al gaan smelten, en ‘s nachts gaan wolken een flinke afkoeling tegen.